In meeste beroepen neemt loonkloof af

De loonkloof (ofwel het bruto loonverschil) tussen mannen en vrouwen nam in 2013 in de meeste beroepen af. Vooral bij administratieve medewerkers en machine operators is het verschil kleiner geworden. Dit blijkt uit de Loonwijzer/Monsterboard Wage Index.

Mannen verdienen in iedere beroepsgroep nog wel meer dan vrouwen. Onder managers is de loonkloof het grootst, mannelijke managers verdienen maar liefst 20,7% meer dan vrouwen. Bij administratieve functies is de kloof het kleinst, daar is het verschil 2,4% in het voordeel van mannen.

Loonkloof managers groeit

In tegenstelling tot de meeste beroepsgroepen groeide de loonkloof voor managers vorig jaar. Het verschil groeide met 2,5%, mannen verdienen €5,10 (20,7%) per uur meer dan vrouwen. Naast onder managers steeg ook onder service medewerkers (+3,3%) en ongeschoolde arbeiders (+1,8%) het verschil. In de overige beroepen nam het verschil juist af. De afname was bij machine operators (-6,3%), administratieve medewerkers (-5,1%), ambachtslieden (-4,4%) en professionals (-3,1%) aanzienlijk.

“Even geleden liet het CBS zien dat de loonkloof kleiner wordt. Dat was op basis van data uit 2012. Wij kunnen nu ook op basis van cijfers van vorig jaar zien dat er reden voor optimisme is als we het over loonverschil hebben. Alleen mannelijke managers verdienen veel meer”, zegt Paulien Osse, directeur Stichting Loonwijzer.

Bron: P&O Actueel

Wet Werk en Zekerheid niet uitgesteld

De Wet Werk en Zekerheid (WWZ) wordt, als het aan minister Asscher (SZW, PvdA) ligt, in de huidige vorm op 1 juli 2014 ingevoerd. Dat valt te lezen in zijn reactie op de vragen van de Eerste Kamer. De WWZ wordt met enkele kleine wijzigingen opnieuw voorgelegd aan de Tweede Kamer.

Eerder uitte de Eerste Kamer haar zorgen over de wet, ook de Vereniging Arbeidsrecht Advocaten Nederland (VAAN) was kritisch en pleitte voor uitstel. De Eerste Kamer en VAAN stelden dat de positie van flexwerkers door de wet verder kan verslechteren.

De regering deelt deze zorgen niet en verwijst naar een rapport waaruit het tegendeel zou blijken. ‘Uit een recente en uitgebreide overzichtsstudie van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) blijkt dat hervormingen in het ontslagrecht en het flexrecht volgens de meeste onderzoeken geen significant negatief effect hebben op de werkgelegenheid en de werkloosheid.’ Ook uit de doorrekening van het CPB blijkt dat de wet niet leidt tot werkgelegenheidsverlies.

Kritiek vindt geen weerklank
De senaat was onder meer kritisch over de verkorte ketenbepaling van twee jaar, die zijn doel voorbij zou streven. De regering bestrijdt dit. ‘Door de mogelijkheden voor het aanbieden van tijdelijke contracten te beperken – waarbij overigens wat betreft de termijn van twee jaar wordt aangesloten bij wat internationaal de standaard is – is mede hierom de verwachting gerechtvaardigd dat er eerder vaste contracten zullen ontstaan’

De zorgen om de kwetsbaarheid van oudere, laagopgeleide werknemers deelt het kabinet. Maar daarbij wijst zij op maatregelen die worden genomen om deze groep te ondersteunen. De geplande verkorting van de WW gaat voor werknemers pas in vanaf 1 januari 2016 en wordt geleidelijk ingevoerd. Bovendien krijgen ouderen (50+) een hogere transitievergoeding bij ontslag.

Reparatiewet
Asscher stuurt een reparatiewet naar de Tweede Kamer met een aantal kleine aanpassingen. Hierin wordt verduidelijkt dat een werknemer die door eigen schuld niet meer volledig kan werken, nog wel doorbetaald krijgt voor de uren die hij wel kan werken. Verder biedt de verbeterde wet de mogelijkheid om in een cao vast te leggen dat tijdelijke contracten met educatief karakter, zoals stages, langer mogen doorlopen dan twee jaar. Voor de zomer zal de Eerste Kamer haar definitieve oordeel over de wet vellen.

Bron: P&O Actueel